|
Nieuwsbrief nummer 12, december 2002Algemeen landelijke ontwikkelingenslotconferentie ‘Ieder kind heeft recht op een goede start !’Met de slotconferentie ‘Ieder kind heeft recht op een goede start !’ kwam een einde aan het Makelaarschap VVE. Het Procesmanagement Primair Onderwijs (PMPO) en het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn (NIZW) hebben de afgelopen twee jaar in opdracht van de Ministeries OC&W en VWS invulling gegeven aan een Makelaarsfunctie op het terrein van voor- en vroegschoolse educatie. De slotconferentie op 4 november 2002 en de ter gelegenheid van deze slotconferentie uitgegeven brochure markeren het eindpunt van het Makelaarschap VVE. Maar VVE gaat door. In deze Nieuwsbrief onder de titel ‘Wat we nog gezegd willen hebben !’, de bijdrage van het LPP aan de slotbrochure. Kwaliteitsregels voor het peuterspeelzaalwerk.Er is nog geen nieuws omtrent de door de toenmalige staatssecretaris Vliegenthart in ‘de beleidsbrief Peuterspeelzaalwerk’ aangekondigde komst van kwaliteitsregels voor het peuterspeelzaalwerk. Kinderopvang van VWS naar SZWDe sector Kinderopvang is bij het Ministerie van VWS opgesplitst in ‘peuterspeelzalen en tieneropvang’. De ‘kinderdagverblijven en de overige kinderopvang’, is overgegaan naar het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Project ‘Kwaliteit Peuterspeelzaalwerk’De LPP website sinds oktober in de luchtDe website is op 9 oktober 2002 de lucht ingegaan. De website is met name bedoeld voor de organisaties voor peuterspeelzaalwerk, maar ook voor aanverwante organisaties, instellingen en overheden. Via de website wordt (beleids)informatie, het peuterspeelzaalwerk betreffende, gemakkelijk toegankelijk en bereikbaar. Daarnaast heeft de site een interactief karakter. Zo biedt de site de mogelijkheid om organisaties, instellingen en overheden met elkaar in contact te brengen en elkaar te informeren. De website heeft de volgende opzet:
De op te zetten databaseEr wordt momenteel hard gewerkt aan het opzetten van een database. Een gegevensbestand van alle bij het LPP bekend zijnde organisaties voor peuterspeelzaalwerk. Bij deze Nieuwsbrief is een vragenformulier meegezonden. Aan de hand van de ingevuld geretourneerde vragenformulieren wordt het adressen- en gegevensbestand van het LPP zo goed mogelijk op orde gebracht en geactualiseerd. Op deze manier kunnen straks alle organisaties die daarom vragen zo adequaat mogelijk van informatie worden voorzien. Ook kunnen hierdoor vergelijkbare organisaties met elkaar in contact worden gebracht, of kan er een gemiddeld beeld van (onderdelen) van het peuterspeelzaalwerk worden geschetst. Hopelijk zijn de vragen duidelijk genoeg. Mocht dit niet het geval zijn dan kan men altijd het LPP even bellen. Organisaties die zich aanmelden krijgen in het vervolg eveneens dit vragenformulier (als aanmeldingsformulier) toegezonden. Het verzoek is dan ook om het vragenformulier zo spoedig mogelijk ingevuld aan het LPP terug te zenden !
Wat wij nog gezegd willen hebbenBijdrage LPP aan slot brochure Makelaar VVEIn de afgelopen jaren zijn alle betrokkenen bij het peuterspeelzaalwerk in Nederland een weg ingeslagen, waarvan het eindpunt nog niet helemaal duidelijk is, maar die inhoudelijk en positioneel veel voor de sector heeft opgeleverd, respectievelijk nog kan opleveren. We denken aan het BANS-akkoord 'Jeugdbeleid in Ba(la)ns', de stimuleringsgelden voor de professionalisering van leidsters, de VVE-regeling, de salarisregeling ‘Zelfstandige peuterspeelzalen’ binnen de CAO Welzijn, het project 'Sterk Peuterspeelzaalwerk' van de MOgroep, de Beleidsbrief van de voormalige staatssecretaris van VWS, de conclusies van het draagvlakonderzoek van Sardes rond de drie beleidsopties inzake voor- en vroegschoolse educatie in Grenzeloos leren ‘VVE-Verkenning’, de functieprofielschets ‘Peuterleidster’, het SCP-rapport ‘Naar een agenda voor de jeugd’, het RMO-advies ‘Educatief Centrum voor ouder en kind’, het advies van de Onderwijsraad 'Spelenderwijs - Kindercentrum en basisschool hand in hand', het voornemen van VWS om te komen tot ‘Kwaliteitsregels ten behoeve van het peuterspeelzaalwerk’, de financiering van een tweejarig project ‘Kwaliteit Peuterspeelzaalwerk’ (Landelijk Platform Peuterspeelzalen), enzovoort. Met andere woorden, de sector ‘Peuterspeelzaalwerk’ staat volop in de belangstelling en wordt inmiddels beschouwd als een onmisbare partner binnen het lokale Jeugd- en Onderwijsbeleid. De discussie over ‘hoe realiseren we de nodige voorwaarden, die er voor moeten zorgen dat de peuterspeelzaal daadwerkelijk een basisvoorziening kan zijn’, is in veel gemeenten actueel. Investeer in jonge kinderenDe hierboven geschetste ontwikkelingen werden ingegeven door een groeiend besef dat de jongste jaren van een menselijk bestaan essentieel zijn voor de kansen, die men op latere leeftijd heeft. Een peuterspeelzaal is een voorziening, die haar bestaansrecht al lang bewezen heeft. Het is een plek waar jonge kinderen al spelend leren. Het peuterspeelzaalwerk is een sector met veel kennis en ervaring in het omgaan met jonge kinderen buiten de gezinssituatie. Voor het peuterspeelzaalwerk geldt: ‘Investeren in hele jonge kinderen door middel van spelend leren, is investeren in de toekomst’. Het was Franklin D. Rooseveld die ooit zei: “We cannot always build the future for our youth, but we can build our youth for the future”. We kunnen daar niet vroeg genoeg mee beginnen ! Verder op de ingeslagen wegWat wij als peuterspeelzalen, bij het vertrek van de makelaar VVE, dus nog gezegd willen hebben, is het volgende. De ingeslagen weg moet een vervolg krijgen. Daarvoor zijn de volgende aanbevelingen van belang:
‘De geest is uit de fles’, als het gaat om serieuze aandacht voor het jonge kind en die laat zich niet meer er in terug stoppen! De Makelaar VVE heeft een grote inbreng gehad in het op de politieke agenda zetten en houden van het inhoudelijk belang van de peuterspeelzalen. Dit is op een uiterst voortvarende en enthousiasmerende wijze gedaan. Het Landelijk Platform Peuterspeelzalen hoopt dat het Transferpunt Onderwijsachterstanden op dezelfde inspirerende manier het vaandel zal overnemen. Voor wat betreft het peuterspeelzaalwerk als belangrijkste voorschoolse educatieve voorziening willen wij als Landelijk Platform Peuterspeelzalen dus zeggen: laten we voortgaan op de ingeslagen weg, maar betrek de sector Peuterspeelzaalwerk nog meer en nog nadrukkelijker bij de ontwikkelingen.
Themamiddag VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten)Impressie VNG Themamiddag ´Positionering en Kwaliteit Peuterspeelzaalwerk´. Een bijdrage van Els HoeffnagelOp 13 november 2002 heb ik op verzoek van de VNG een inleiding verzorgd tijdens één van de twee themamiddagen die de VNG organiseerde voor met name beleidsambtenaren van gemeenten. Het onderwerp was ‘de positionering en de kwaliteit van het peuterspeelzaalwerk in Nederland’. De middag werd geleid door mw. C.S. Heijkoop (onderzoeker Onderwijs en Welzijn SGBO). Mw. P. van Hulst (beleidsmedewerker Onderwijs en Cultuur VNG) gaf een inleiding over de actuele landelijke ontwikkelingen op het gebied van het peuterspeelzaalwerk. Deze ontwikkelingen zijn te lezen in een uitgebreide reader, die de VNG speciaal voor deze themamiddagen had samengesteld. Vervolgens gaf mw. M. Dankaart (coördinator Jeugdbeleid gemeente Tiel) een praktijkpresentatie van een aantal recente ontwikkelingen binnen het peuterspeelzaalwerk in de gemeente Tiel. In aansluiting hierop heb ik aangegeven hoe een gemeentelijk beleidsplan er voor een organisatie voor peuterspeelzaalwerk in de praktijk uit zou kunnen zien. Hiervoor heb ik de ontwikkelingen van het peuterspeelzaalwerk in de gemeente Oss beschreven en heb ik de kwaliteitsslag die er in Oss is gemaakt in beeld gebracht. Vervolgens heb ik de positie van het peuterspeelzaalwerk binnen het jeugd- en onderwijs-beleid in Oss beschreven. De themamiddag werd afgesloten met een plenaire discussie en was er gelegenheid tot het stellen van vragen. Het werd duidelijk dat nog veel gemeenten zich bezig houden met de vraag welke positie het peuterspeelzaalwerk binnen het lokaal jeugdbeleid zou moeten innemen. Tevens werd nog eens duidelijk dat er geen eenduidigheid over het kwaliteitsniveau van het peuterspeelzaalwerk bestaat. Een belangrijke oorzaak hiervan blijken de te krappe budgetten te zijn, die de gemeentes voor het peuterspeelzaalwerk beschikbaar hebben c.q. stellen. Tijdens de plenaire discussie heb ik ingebracht dat bij het bepalen van de positie en de kwaliteit van het peuterspeelzaalwerk niet geredeneerd moet worden vanuit ‘tekorten’ maar vanuit de doelstelling van een integraal jeugdbeleid. Dit betekent een omslag in het denken. Het peuterspeelzaalwerk is een volwaardige partner binnen het jeugdbeleid en dient als een professionele organisatie haar taken uit te voeren. Een gemeenteraad ‘koopt’ in feite peuterspeelzaalwerk in, zodat de doelstelling van het lokale jeugdbeleid behaald kan worden. De kwaliteit van het peuterspeelzaalwerk mag hierbij niet meer ter discussie staan. (de VNG-reader is te bestellen via het e-mailadres: lokaal.jeugdbeleid@vng.nl)
Werkbezoek LPP aan het peuterspeelzaalwerk in ‘s HertogenboschIn gesprek met dhr. H.J.T.L. Timmers, Stichting Peuterspeelzalen ’s-HertogenboschAanleiding van het werkbezoek van LPP aan de Stichting Peuterspeelzalen ’s-Hertogenbosch (SPH) was de combinatie peuterspeelzaalwerk - basisonderwijs. Het peuterspeelzaalwerk in Den Bosch werd tot augustus 2001 uitgevoerd door de Facilitaire Stichting Peuterspeelzalen (FSP) en Divers (organisatie voor welzijnswerk). De FSP voerde het reguliere peuterspeelzaalwerk uit en Divers het “gespecialiseerde” peuterspeelzaalwerk. Op 17 juli 2001 werd vanwege grote financiële problemen het faillissement van SFP aangevraagd en werden de medewerkers ontslagen. De gemeente Den Bosch schreef vervolgens een openbare aanbesteding voor het peuterspeelzaalwerk uit. Drie partijen, waaronder het basisonderwijs in Den Bosch, brachten een offerte uit. De gemeenteraad besloot op basis van de ingediende offertes met het basisonderwijs in zee te gaan. Tevens besloot de gemeenteraad dat het “gespecialiseerde“ peuterspeelzaalwerk van Divers naar de nieuw op te richten Stichting Peuterspeelzalen ‘s-Hertogenbosch (SPH) overgeheveld moest worden en dat er een inkomensafhankelijke ouderbijdrage ingevoerd diende te worden. In augustus 2001 is de nieuwe stichting opgericht. Op dit moment telt de stichting 120 medewerkers, van wie een groot aantal hiervoor bij de oude stichting werkzaam was. De medewerkers hebben een nieuwe arbeidsovereenkomst aangeboden gekregen. De directie van de SPH bestaat uit 3 directeuren die tevens (bovenschools) directeur van een koepel voor basisonderwijs zijn. In het bestuur van de SPH zijn vijf koepelbesturen van het basisonderwijs (Stg. Primair Onderwijs ‘s-Hertogenbosch, het Nut, Openbaar Onderwijs, St. Jan Stichting en het Protestants Christelijk onderwijs) vertegenwoordigd. De overheveling van het “gespecialiseerde” peuterwerk naar de nieuwe stichting en de invoering van een inkomensafhankelijke ouderbijdrage zijn inmiddels gerealiseerd. De overheveling van de financiering van het gespecialiseerde peuterwerk vergt echter nog enige aandacht. Twee/drie jaar geleden is het “Bosch observatie instrument” bij de peuterspeelzalen ingevoerd. Er wordt naar gestreefd om de gegevens die dit instrument oplevert niet alleen aan de ouders te rapporteren, maar men wil er ook actief richting peuters mee te gaan werken. Bijscholing wordt als belangrijk beschouwd. De gemeenteraad was het met de SPH eens dat er te weinig financiële ruimte voor bijscholing was. Een aanvraag voor meer subsidie hiervoor zal waarschijnlijk binnenkort gehonoreerd worden. Momenteel wordt tevens een aanvraag voor extra subsidie voor ‘kindweging’ (het aantal kinderen per leidster wordt afhankelijk van een aantal factoren) door de gemeente behandeld. Uiteindelijk is het ook de bedoeling dat in alle peuterspeelzalen 2 gediplomeerde leidsters per groep gaan werken. In een nieuwbouwwijk wordt binnenkort een nieuwe school voor 0 – 12 jarigen gebouwd. De plannen voor deze ‘School van de Toekomst’ zijn in een gevorderd stadium. Ten behoeve van het uitwerken van dit concept is een contract met het KPC (Katholiek Pedagogisch Centrum) gesloten. In deze school zal naast een basisschool en een peuterspeelzaal ook een kinderdagverblijf gehuisvest worden. De SPH overweegt om zelf de exploitatie van het kinderdagverblijf te gaan voeren. Tevens wordt overwogen om de medewerkers van de peuterspeelzaal en van het kinderdagverblijf een arbeidsovereenkomst binnen de Onderwijs CAO aan te bieden.
Nieuws uit het landToolbox Brede School: Praktisch hulpmiddel voor gemeenten, scholen en instellingen voor zorg en welzijnDe ontwikkeling van de Brede School is in volle vaart: in heel veel gemeenten wordt aan de Brede School gewerkt en in 2010 zullen er meer dan 1.000 Brede Scholen in Nederland zijn. Dat betekent wel dat er nog veel werk verzet moet worden om de samenwerking tussen onderwijs, zorg en welzijn afgestemd op de situatie in de buurt of wijk te regelen. En om zonodig een gebouw voor die samenwerkingspartners tot stand te brengen. De makers van Bredeschool.net, een drukbezochte website (die mogelijk gemaakt wordt door de ministeries van OC&W, VWS en de VNG), hebben als een hulpmiddel voor alle betrokkenen een cd-rom Toolbox Brede School gemaakt. De Toolbox bestaat uit vier onderdelen:
Kijk voor een demonstratie van de Toolbox op www.bredeschoolplein.nl. De Toolbox kan besteld worden bij Ideeën & Media Van Gelder & Partners per fax (023-5625613) of via www.ideeenenmedia.nl. De Toolbox Brede School kost € 349,- inclusief BTW en verzendkosten.
|